

Verschenen in 'De Leunstoel' - 05-03-2026
CDA en D66 waren de grote winnaars bij de laatste verkiezingen. Maar ze waren niet de winnaars van de kabinetsformatie. Dat was overduidelijk de VVD. Die was het eerst gelukt om GroenLinks-PvdA buiten de formatie te houden, en daarna om de stijging van de defensie-uitgaven af te wentelen op ouderen, zieken en werklozen.
D66 en CDA hadden gewild dat ook de huiseigenaren een steentje hadden bijgedragen door de hypotheekrenteaftrek aan te pakken, maar daar wilde de VVD niets van weten. Er moest ‘rust in de portemonnee’ komen, maar dan toch vooral rust in de dikke portemonnee van haar eigen leden.
Daarmee liet de VVD zich vooral door het belang van de eigen kiezers leiden. Dylan Yesilgöz kwam daar schaamteloos voor uit bij de presentatie van het coalitieakkoord, en dat moest het hele land nog een keer met billboards ingepeperd krijgen. De twee andere leiders van de coalitiepartijen benadrukten juist waarom zij het akkoord in het belang van het land vonden.
Dat verklaart ook de sterke onderhandelingspositie die de VVD zich verworven had: CDA en D66 vonden het belangrijk dat het land weer snel geregeerd werd, de VVD wilde vooral de eigen kiezers trakteren en was bereid een spaak in het wiel te steken wanneer de andere twee partijen daar niet in meegingen.
Ik denk dat GroenLinks-PvdA intussen blij mag zijn dat het niet bij deze onderhandelingen betrokken is geweest. Nu stelt het gesloten akkoord de nieuwe partij in staat zich te profileren als enige grote partij die de verzorgingsstaat verdedigt. Daarmee zou een deel van de electorale schade kunnen worden goedgemaakt die de PvdA heeft opgelopen tijdens het tweede kabinet Rutte. Van 38 naar 9 zetels, weet u net nog?
Maar ik ben er niet helemaal gerust op dat GroenLinks-PvdA zich zo ook gaat opstellen. Het beleid van het nieuwe kabinet gaat veel lijken op dat van Rutte II dat de PvdA nog steeds verdedigt. Voor fundamentele kritiek op dat beleid moest je zijn bij oud-politici als Johan Witteveen (VVD) en Bert de Vries (oud-CDA). De laatste had al fundamentele kritiek geleverd op het tweede kabinet Balkenende in Overmoed en onbehagen en ging daar later in Ontspoord kapitalisme nog overheen.
Uit de steun aan het Kabinet Rutte II blijkt dat de PvdA helemaal niet zo sterk in zijn schoenen staat in de strijd om de verzorgingsstaat. En al eerder, in 2006, toen de kritiek op het kabinet gemaakt had dat de PvdA in de peilingen op zestig zetels stond, begon partijleider Wouter Bos over de houdbaarheid van de AOW te praten, en moesten we uiteindelijk genoegen nemen met 42 zetels, twee minder dan het CDA.
Een onzekere factor bij het speculeren over de rol die GroenLinks-PvdA zal kiezen tegenover het nieuwe kabinet, is ook dat de nieuwe partij toch wel erg graag deel heeft aan de macht. Je hoort nog steeds veel verontwaardiging dat de nieuwe partij buiten de kabinetsonderhandelingen is gebleven, en er is weinig opluchting dat deze beker aan ons voorbij is gegaan.
Ik zie Klaver zich klaar maken voor onderhandelingen over aanpassing van het regeerakkoord, en weinig aarzeling tonen of je dat wel moet willen. Als je dat zou willen zou het moeten zijn op basis van een aanbod van de regeringscombinatie voor een fundamenteel andere koers, en dat zie ik nog niet gebeuren.
Anders eindigt het ermee dat Klaver zich op het congres laat toejuichen omdat hij bereikt heeft dat de WW-duur in plaats van naar twaalf maanden naar veertien maanden wordt teruggebracht, waarbij GroenLinks-PvdA verantwoordelijk wordt voor de rest van het pakket, met als gevolg een nieuw electoraal dieptepunt bij de volgende verkiezingen.
In zekere zijn mag GroenLinks-PvdA de VVD dankbaar zijn dat er zo’n duidelijke kloof is ontstaan tussen de partij en de regering, waardoor de partij de mogelijkheid zich te profileren als hoeder van de verzorgingsstaat in de schoot krijgt geworpen. Maar die kans moet men dan wel grijpen.
Overigens blijkt de koers van het nieuwe kabinet juist bij de VVD-kiezers niet aan te slaan, maar die verwachten eerder steun van de verzorgingsstaat bij partijen rechts van de VVD dan bij PvdA-GroenLinks, omdat ze er bij PvdA-GroenLinks er gratis een pro-immigratiebeleid bij krijgen.
In deze nieuwe situatie begin ik mij af te vragen of ik toch maar geen lid van de nieuwe fusiepartij moet worden. Dat zal ervan afhangen of de strijd voor de verzorgingsstaat centraal zal komen te staan, of dat men zich daarvan laat afhouden door de hoofddoek voor BOA’s, de genderneutrale toiletten en de afkeer van kernenergie.